Brandveiligheid op de camping: zo zorg je zelf voor een veilige vakantie

brandveiligheid op de camping

Het is weer zomervakantie en dat betekent dat veel Nederlanders en Belgen een aantal weken op de camping in binnen- of buitenland doorbrengen. De tent, caravan en camper brengen diverse brandrisico’s met zich mee. Waar moet je waakzaam op zijn en hoe ga je om met een eventuele brand?

Het stroomverbruik op de camping is een grote risicofactor. Het is aan te raden om gebruik te maken van huishoudelijke apparatuur met een laag stroomverbruik. Ook zijn er omvormers en accu’s, die ervoor zorgen dat het stroomverbruik op een veilig niveau blijft. Controleer ook de bedrading van apparatuur.

CEE-stekker

In een caravan zijn de spanningswaarden 220 volt en 12 volt. Wil je een aansluiting van een caravan op een 220-voltinstallatie, gebruik dan de blauwe, spatwaterdichte CEE-stekker, een neopreenkabel van maximaal 20 meter lang en rol de kabel – net als bij verlengsnoeren – altijd helemaal af. Daarmee voorkom je warmteontwikkeling en daarmee kortsluiting. Als je caravan geen CEE-aansluiting heeft, is het raadzaam om een aardlekschakelaar te plaatsen. Zorg er ook voor dat de metalen delen van de caravan (wanden, chassis, aanrechtblad) geaard zijn.

Koolmonoxidegevaar

In caravans worden vaak kacheltjes gebruikt. Een kachel die kerosine of gas verbrandt in een ruimte waar weinig ventilatie is, kan een koolmonoxidevergiftiging veroorzaken. Een elektrische kachel vormt een minder groot gevaar voor CO-vergiftiging dan kachels die brandstoffen verbranden. Hang altijd een goedgekeurde CO-melder in de caravan, zodat je op tijd gewaarschuwd wordt voor een eventuele koolmonoxidevergiftiging.

Als er brand uitbreekt

  • Verwijder gasflessen uit de omgeving
  • Meld de brand bij receptie of portier
  • Waarschuw andere campinggasten
  • Probeer de brand zelf te blussen (bekijk hier een overzicht van kleine blusmiddelen en de branden die hiermee kunnen worden geblust)
  • Zorg voor een vrije aanrijroute
  • Geef de brandweer informatie over eventuele slachtoffers en over hoe de brand is ontstaan

Brandveiligheid op de boot

Een brand is altijd gevaarlijk. Maar op een boot kun je ook nog eens moeilijk vluchten. Hieronder enkele tips voor veiligheid aan boord:

  • Zorg dat alle opvarenden op de hoogte zijn van de vluchtwegen en het gebruik van vluchtmiddelen en blusmiddelen aan boord.
  • Houd de vluchtwegen vrij.
  • Zorg voor voldoende reddingsvesten en bewaar ze op een toegankelijke plaats.
  • Zorg ervoor dat het motorcompartiment en de motor schoon zijn en controleer regelmatig de isolatie van de afvoer van de motor.
  • Let er bij het tanken op dat er geen brandstof op hete motoronderdelen valt.
  • Olie in gebruikte poetsdoeken kan leiden tot zelfontbranding. Berg poetskatoen op in afgesloten blikken, zodat er geen zuurstof bij kan.

Breng in het geval van brand als eerste alle opvarenden in veiligheid. Bij een boot is bluswater binnen bereik. Zorg er dus voor dat je altijd een emmer aan een lijn binnen handbereik hebt. Beter nog: koop een brandblusser voor op de boot.

Bron: Brandweer Nederland

Brandveilig barbecueën: zo doe je dat

Bij mooi weer is barbecueën is een geliefde bezigheid van veel Nederlanders en Belgen. Deze zomerse traditie is echter niet zonder gevaren. Als je deze richtlijnen in acht neem, zorg je voor een veilige omgeving voor jezelf en de omstanders.

Hoe maak je veilig een barbecue aan?

  • Gebruik houtskool of briketten als brandstof. Briketten zijn veiliger omdat ze geen vonken veroorzaken. Bovendien branden ze langer en gelijkmatiger.
  • Maak je barbecue aan met aanmaakblokjes of -vloeistof. Gebruik nooit benzine, petroleum of spiritus. Er vormt zich altijd een gaswolk in de lucht zodra je de fles opent. Die wolk is groot en blijft in de lucht hangen. Een vonk kan dan al een meterslange steekvlam veroorzaken
  • Neem de tijd. Reken op minstens een half uur. Zodra de kolen gloeien en dus niet meer vlammen, kunnen die spiesjes erop.
  • Blaas niet in het vuur, gebruik een blaasbalg of waaier.

Algemene tips

  • Barbecue nooit in huis. Gloeiend houtskool geeft namelijk veel koolmonoxide af. Je loopt dan het gevaar op koolmonoxidevergiftiging.
  • Plaats de barbecue op een vlakke ondergrond. Zorg dat de barbecue niet omver wordt gelopen.
  • Scherm de barbecue af met een windscherm.
  • Houd rekening met de windrichting in verband met overwaaien van vonken. Kies een windvrije plaats.
  • Pas op met licht ontvlambare kleding in de buurt van de barbecue
  • Loop nooit met een brandende barbecue.

In geval van brand

  • Houtskool barbecue: gebruik een emmer water of zand (ook om de barbecue snel te doven)
  • Elektrische barbecue: gebruik nooit water, maar gebruik een poederblusser (wel schade aan apparaat, maar breed inzetbaar in en rond het huis) of CO2 blusser (geen schade aan apparaat)
  • Gasbarbecue: draai de gaskraan dicht
  • En altijd handig om in huis te hebben: een blusdeken waarmee onder andere kleding kan worden gedoofd.

Bron: Brandweer Nederland

App woningcheck moet het bewustzijn rond brandveiligheid vergroten

Met de app Woningcheck moet het bewustzijn rond brandveiligheid vergroot worden bij mensen.

Brand Woningcheck appVolgens verschillende Veiligheidsregio’s en de Brandweer zijn er nog altijd teveel woningbranden in Nederland en België. Het ontstaan van brand in huis zit hem vaak in kleine dingen, met deze applicatie vind je de kwetsbaarheden in huis. De brandweer wil met de app mensen adviseren de juiste maatregelen te nemen om hun huis brandveilig te maken. En mocht het onverhoopt toch mis gaan, de gevolgen van brand te beperken.

brand appWoningbrand zit hem vaak in de kleine dingen: te veel stekkerdozen aan elkaar gekoppeld, een rommelige meterkast, een niet regelmatig gecontroleerde CV-ketel, het niet schoonmaken van het filter van de wasdroger. Gelukkig betekent dat ook dat met vrij eenvoudige maatregelen een hoop ellende kan worden voorkomen. De app neemt gebruikers mee door de woning. Aan de hand van foto’s, video’s en korte tekstfragmenten krijgt de gebruiker uitgelegd hoe brand kan ontstaan en wat men zelf kan doen om brand zoveel mogelijk te voorkomen.

Met de Woningcheck-app voor smartphone en tablet heeft iedereen in een handomdraai de kwetsbaarheden in het huis op een rij gezet. De app is beschikbaar in de App Store van Apple en in Google Play voor Android.

Vluchtwegen zijn van levensbelang en verdienen meer aandacht

Vluchtwegen zijn van levensbelang en verdienen meer aandacht

vluchtwegen

Veilige vluchtwegen zijn van levensbelang. Overheden proberen met strenge regels te zorgen dat de gebouwen primair vluchtveilig zijn. Met onafhankelijke vluchtwegen, voldoende capaciteit, korte loopafstanden wordt gezorgd dat mensen in de meeste gevallen veilig kunnen vluchten. Nog veel te vaak zien we dat het toch fout gaat. Bij inspecties blijken vluchtwegen geblokkeerd of afgesloten te zijn. Bij grote incidenten vallen soms veel slachtoffers omdat vluchtroutes toch niet veilig genoeg zijn.

Van een gebouw dat voldoet aan het Bouwbesluit 2012 wordt verwacht dat er veilig gevlucht kan worden. Toch leidt een gebouw dat volledig voldoet aan de eisen niet altijd tot een veilige situatie. Door uiteenlopende oorzaken kan een gebouw dat weliswaar voldoet aan het Bouwbesluit wel degelijk onveilig zijn. In een relatief standaard gebouw met een normale bezetting zal het Bouwbesluit leiden tot veilige situaties. Specifieke omstandigheden kunnen ervoor zorgen dat de vluchtwegen niet zo veilig blijken te zijn als verwacht, namelijk:

  • Als mensen onbekend zijn in een gebouw is de voor hen bekende route zoals ze zijn binnengekomen. Dit betekent dat een rekenkundige verdeling volgens het Bouwbesluit waarbij de nooduitgangen ook volledig gebruikt worden niet te verwachten is. Een overbelasting op de hoofdentree kan ertoe leiden dat er opstoppingen ontstaan die te lang duren. Dit leidt vaak tot paniek en verdrukking;
  • Als mensen in groepen een gebouw betreden, zullen ze ook bij het vluchten als groep bij elkaar willen blijven. Gezinnen, vriendengroepen en klassen hebben de neiging zo dicht mogelijk bij elkaar te blijven. Dit kan leiden tot grotere belasting op een bepaalde uitgang en dringen bij die uitgang waardoor het ontruimingsproces wordt verstoord;
  • Bij het ontwerpen van gebouwen volgens het Bouwbesluit wordt maar beperkt rekening gehouden met de aanwezige (vaste) inrichting. Als er vast opgestelde stoelen aanwezig zijn kan dit tot een aanzienlijke vertraging leiden om een ruimte te ontruimen;
  • In de meeste gebouwen zijn ook mindervaliden aanwezig. Door hun beperkingen kunnen zij nooit zo snel vluchten als vaak wordt aangenomen. Daarnaast maken zij vaak gebruik van hulpmiddelen waardoor ze meer ruimte nodig hebben. Vreemd genoeg wordt er in het Bouwbesluit geen rekening gehouden met de vluchtwegen voor mindervaliden en de mogelijke invloed op het ontruimen van een gebouw.

Wil u meer informatie neem dan contact op met ons kantoor:
+32(0)15253316

Bron:www.brandveilig.com

brandveilig hotel: 4 aandachtspunten + checklist

brandveilig hotel

Als hoteleigenaar moet u vele ballen in de lucht houden. Hygiëne, hospitality, catering, vlotte administratie, en… brandveiligheid. Om de veiligheid van de gasten te waarborgen is het van groot belang dat het personeel kundig handelt tijdens brandincidenten. Een goede voorbereiding en training is daarom het halve werk.

Wat zijn de belangrijkste aandachtspunten voor het personeel?

1.) Het vaststellen van regels vormt de basis van de brandveiligheid in uw hotel. Via routine worden bovendien gevaarlijke situaties voortijdig ontdekt.

  • Verbied roken in alle ruimtes, maar zorg wel voor een alternatief;
  • Leeg asbakken alleen in vuilnisbakken die daar geschikt voor zijn;
  • Maak versieringen nooit vast aan bedradingen en lampen;
  • Hou nooduitgangen of trappen vrij van obstakels.

Is de keuken ’s nachts gesloten? En hoe zit het met de ruimte met schoonmaakartikelen? Stel voor het afsluiten van deze ruimtes duidelijke procedures op. En houd hierbij rekening met de brandveiligheid van de ruimtes.

Laat de collega die ’s avonds als laatst vertrekt altijd een controleronde lopen, om zeker te weten dat alle apparatuur in de keuken uit staat.

2.) Blusmiddelen moeten aanwezig zijn en personeel moet weten hoe deze gebruikt moeten worden. 

Zorg voor duidelijkheid over de plaats en werking van blusmiddelen. In veel gevallen staan de gebruiksinstructies al op uw blusmiddelen. Maar dit is niet altijd het geval. Controleer daarom of deze daadwerkelijk aanwezig zijn. Voeg een sticker of kaart met instructies toe wanneer dit niet het geval is. Neem de blusmiddelen ook mee in het ontruimingsplan met de bijhorende vluchtplattegronden.

Zorg er voor dat zoveel mogelijk collega’s een cursus BHV hebben gevolgd. Hierdoor weet u zeker dat er altijd een BHV’er aanwezig is in uw pand.

3.) Een duidelijke taakverdeling in het geval van calamiteit is van groot belang. Dit betekent ook dat gasten weten wat ze moeten doen. Hang daarom informatie over wat te doen bij brand en een ontruimingsplattegrond op iedere kamerdeur.

Stel daarnaast een crisisteam samen, waarbij ieder teamlid een taak heeft als er brand uitbreekt. Het crisisteam coördineert alle handelingen en informatie van en naar personeelsleden en gasten. Dit blijft het crisisteam doen totdat de hulpdiensten arriveren.

Enkele voorbeelden van verantwoordelijkheden:

  • De beveiliging controleert of er daadwerkelijk brand is en overweegt of er een evacuatie noodzakelijk is;
  • De technische dienst assisteert de beveiliging indien nodig en wacht op order van het crisisteam;
  • De front office begeleidt de gasten en maakt een uitdraai van alle gasten (plus hun rekening);
  • De portiers blijven voor de ingang staan en voorkomen dat nieuwe gasten naar binnen gaan;
  • De telefoniste verzorgt het communicatieproces tussen het hotel en de brandweer:
  • Het overige personeel begeleidt de gasten ook naar buiten en weerhoudt de gasten om met de lift te gaan. Ook verzamelen zij de registratieformulieren van de gasten, zodat alle aanwezige gasten in beeld zijn.
  • De PR-manager beantwoordt de vragen van de pers. Leg vooraf vast met welk verhaal u naar buiten treedt. Door duidelijke afspraken te maken kunt u eventuele imagoschade voorkomen;
  • De afdelingsmanagers leveren lijsten aan met de aanwezige personeelsleden.

4.) De theorie is belangrijk, maar de praktijk is minstens zo belangrijk: organiseer ontruimingsoefeningen. In de praktijk blijkt dat veel hotels nauwelijks ontruimingsoefeningen houden, omdat gasten dit als onprettig ervaren. Maar wat als er echt brand uitbreekt, en er slachtoffers vallen door fouten of onzorgvuldig gedrag? Hoe gaat u dit verantwoorden aan de nabestaanden van een geliefde? Of wat doet u wanneer er geen ernstige slachtoffers zijn gevallen, maar uw hotel imagoschade heeft opgelopen?

Er zijn verschillende manieren om uw gasten toch te betrekken bij de oefening. Denk bijvoorbeeld aan:

– Leg uit waarom u de oefening moet doen, en plan de oefening in een rustige periode;
– Zorg voor een leuk presentje (zoals een gratis overnachting), om te compenseren voor het ongemak.

Leg de ontruimingsoefening vast met de camera. Dan kunt u de oefening achteraf heel eenvoudig analyseren. Zo weet u precies wat er goed en minder goed ging.

 

Bron: brandveilig.com

Gesloten binnendeuren + hoorbare rookmelders redt levens!

De meeste slachtoffers bij brand vallen door het inademen van rook. Door de giftige rook die bij brand vrijkomt daalt het zuurstofgehalte in de lucht en stijgt het aandeel koolmonoxide. Hierdoor kunt u binnen enkele minuten al bewusteloos raken. Rookmelders waarschuwen u in geval van brand en zijn dus echt van levensbelang!

Daarnaast is het van groot belang binnendeuren gesloten te houden. Waar er bij openstaande binnendeuren na 3,5 minuut al geen overlevingskansen meer zijn, is er bij gesloten deuren na 10 minuten nog een overleefbare situatie.

Deze brandtest van de Brandwondenstichting laat het zien: gesloten binnendeuren + hoorbare rookmelders redt levens!

https://youtu.be/y2OVsL27K7M

RookmeldersIn een woonhuis volstaat doorgaans een standaard optische rookmelder. Deze detecteert rook door middel van een lichtgevoelige cel, zodra de rook in het lichtbundeltje komt wat door de rookmelder uitgezonden wordt. Test regelmatig of de melder nog werkt. Op iedere rookmelder zit hiervoor een testknop.

Naast de installatie van rookmelders en het gesloten houden van binnendeuren kunt u nog meer doen om uw woning brandveiliger te maken, of de gevolgen van een onverhoopte brand te beperken. Check hiervoor de controlelijst brandveilig wonen van de brandweer.

Bronnen: BrandwondenStichting / https://www.brandweer.nl/

Pictoborden en veiligheidssignalering

Smeba-fire levert een compleet scala van pictoborden en veiligheidssignalering conform de NEN-EN-ISO 7010. Deze norm is in 2013 ingevoerd in Nederland en hiermee is er één norm voor veiligheidssymbolen op nationaal en internationaal niveau.

In het bouwbesluit is bepaald dat elke voorziening voor het bestrijden van brand duidelijk zichtbaar is opgehangen of is gemarkeerd met een pictogram. Daarnaast moet een bouwwerk een vluchtrouteaanduiding hebben in iedere ruimte waardoor een verkeersroute voert en in iedere ruimte die bedoeld is voor meer dan 50 personen.

Vervolgens is in de Arbeidsomstandighedenregeling vastgelegd dat de signalering met betrekking tot een verbod, een waarschuwing en een gebod, alsmede de signalering met betrekking tot de lokalisatie en de identificatie van brandbestrijdingsmateriaal permanent geschiedt door middel van borden of een veiligheidskleur.

Pictoborden brandblusmiddelen

Door het plaatsen van pictoborden (of -stickers) kunnen medewerkers en bezoekers van een afstand zien waar de brandblusmiddelen zich bevinden, zodat er in geval van brand geen tijd verloren gaat met het zoeken naar deze blusmiddelen. Deze pictoborden zijn er in diverse uitvoeringen:

Pictoborden blusmiddelen

Veiligheidssignalering

Met de reddings- en evacuatieborden of -stickers kunt u veilige doorgangen, vluchtwegen, nooduitgangen en EHBO-posten aangeven.

Veiligheidssignalering

Met borden of stickers op het gebied van verbodstekens en brandbestrijding maakt u in één oogopslag duidelijk welk gevaar er dreigt en wat verboden is. Hiermee kunt u schadeveroorzakende handelingen of situaties voorkomen of tegengaan.

Waarschuwingsborden   Verbodsborden

De verschillende pictoborden en veiligheidssignaleringen zijn te bestellen via :
order@smeba-fire.be

Bronnen: http://www.bouwbesluitonline.nl/ en http://wetten.overheid.nl/

Brandveiligheid studentenhuizen vaak onder de maat

De helft van de studentenhuizen is niet brandveilig. Zo zijn er onvoldoende brand- en rookmelders, of zijn de blusmiddelen niet op orde. Bovendien treden regelmatig problemen op met de vluchtroutes, doordat deze geblokkeerd worden door fietsen of kratten.

In 4 van de 5 studentenhuizen ontbreekt een vluchtplan. En in 40 procent van de gevallen ontstaat de brand door een vlam in de pan. In de eerste plaats is de verhuurder verantwoordelijk voor de brandveiligheid, zoals de rookmelders en de (gecontroleerde) blusmiddelen. Daarnaast zijn de bewoners – de studenten – verantwoordelijk voor een brandveilig gebruik van het huis. Zo moeten vluchtwegen vrij zijn, branddeuren gesloten en blusmiddelen toegankelijk.

Brandveiligheid studentenhuizen: wat zijn de eisen?

Rookmelders
Bij brand moeten bewoners tijdig worden gealarmeerd. In de woonfunctie voor kamergewijze verhuur moeten daarom rookmelders geplaatst zijn tussen de uitgang van de verblijfsruimten en de uitgang van de woning. Bijvoorbeeld de gezamenlijke overloop en de hal. Tevens moet elke verblijfsruimte een of meer rookmelders hebben. Alle wooneenheden moeten dus een of meerdere rookmelders hebben, maar ook de rookmeldersgezamenlijke woonkamer; dat is immers ook een verblijfsruimte. Bij brand moet een alarm in alle wooneenheden (ook met gesloten deuren) voldoende duidelijk te horen zijn. Bij kamergewijze verhuur zal het, als het geluidsniveau niet voldoende is, dan ook al snel zo zijn dat de rookmelders door gekoppeld moeten zijn. Daarnaast moeten rookmelders zijn aangesloten op het lichtnet en voorzien zijn van een accu als achtervang indien de stroom uitvalt.

Blusmiddelen
In een gezamenlijke keuken en op iedere bouwlaag – in de gezamenlijke gang of op de overloop – moet een brandslanghaspel of draagbaar blustoestel aanwezig zijn. De haspel of brandblusser moet duidelijk zichtbaar zijn opgehangen of gemarkeerd zijn met een pictogram, zodat de in de woning aanwezige personen direct kunnen zien waar de blusmiddelen zich bevinden.

Deuren in vluchtroutes
Elke deur die bij het vluchten vanaf de uitgang van een kamer tot de uitgang van de woning gepasseerd wordt, moet eenvoudig met een lichte druk of met een panieksluiting kunnen worden geopend. Het gaat hierbij niet om een eis ten aanzien van de draairichting van deuren maar om het eenvoudig, zonder sleutel, kunnen openen van deuren. Er mag een panieksluiting worden aangebracht maar dat hoeft niet. De deuren van de kamers en de voor- en achterdeur van de woning mogen wel met een sleutel afsluitbaar zijn.

Verantwoordelijkheid
De hiervoor genoemde voorschriften komen uit het Bouwbesluit 2012 over kamergewijze verhuur en dragen bij aan de brandveiligheid. In de praktijk kan die brandveiligheid natuurlijk alleen maar worden bereikt wanneer die voorschriften worden nageleefd. De eigenaar/verhuurder is daarvoor verantwoordelijk. Niet naleven van de voorschriften is een overtreding die strafbaar is op grond van de Wet op de economische delicten. Vanzelfsprekend hebben ook de kamerbewoners een eigen verantwoordelijkheid bij het brandveilig gebruik van de woning. Het komt nogal eens voor dat een vluchtroute wordt geblokkeerd door fietsen, bierkratten, oud papier, meubels of vuilniszakken. Soms wordt er geknoeid met elektrische bedrading, met kans op kortsluiting. De eigenaar/verhuurder èn de huurders zijn er gezamenlijk verantwoordelijk voor dat een kamerverhuurpand ook veilig wordt gebruikt.

De Brandweer ontwikkelde een speciale folder voor de brandveiligheid in studentenhuizen. Ook de Landelijke Studentenvakbond voor en door Studenten geeft een handige tip: hang bij de ingang van je studentenhuis een aanwezigheidsbord op voor alle huisgenoten, zodat je in het geval van nood vrij snel kan zien wie er thuis is. In geval van brand blijkt het namelijk vaak niet duidelijk wie precies thuis was.

Bron: www.brandveilig.com

Legionellapreventie

Legionellapreventie is een belangrijk onderdeel in het onderhoud van brandslanghaspels. Legionella is een bacterie die een acute infectie van de luchtwegen kan veroorzaken. Je kunt ziek worden door het inademen van de bacterie, je wordt niet ziek door het drinken van water met legionella.

Legionellabesmetting kan ernstige tot zeer ernstige en soms zelfs dodelijke gevolgen hebben. Onder andere om de mogelijkheid van deze besmetting zoveel mogelijk te voorkomen is er in Nederland een Drinkwaterwet van kracht die eigenaren van collectieve watervoorzieningen voorschrijft wat zij verplicht zijn te doen aan legionellapreventie.

Besmettingsbronnen

De legionellabacterie komt van nature voor in grond en in water. In water zitten meestal heel weinig legionellabacteriën, maar soms kan legionella in water erg snel groeien. Dit is vooral het geval wanneer het water stilstaat en tussen 25 en 45 graden warm is.

Legionellapreventie maatregelen zijn o.a.

  1. De check op het niet-gebruiken van brandslanghaspels
  2. Het controleren van terugstroombeveiligingen waarmee veilig water gescheiden wordt van onveilig (stilstaand) water

1. De check op het niet-gebruiken van brandslanghaspels
LegionellapreventieNa het jaarlijkse onderhoud aan de brandslanghaspel wordt deze verzegeld met de zogenaamde legionella-preventieseal. Hierdoor is ten alle tijde zichtbaar of de betreffende brandslanghaspel al dan niet gebruikt is.

Daarnaast heeft Smeba-fire een legionella straalpijpborgkap in het assortiment welke een extra veiligheid biedt tegen mogelijke legionella besmetting. Tevens verkleint het de kans op oneigenlijk gebruik van de brandslanghaspel. Ook deze legionella straalpijpborgkap wordt verzegeld achtergelaten.

2. Het controleren van terugstroombeveiligingen
Verontreinigd water mag nooit terugstromen in het waterleidingnetwerk. Daarom is het wettelijk vastgelegd in de Waterleidingwet, dat er terugstroombeveiligingen (keerkleppen) zijn aangebracht bij brandslanghaspels die op het openbare waterleidingnet zijn aangesloten.

Bij een goede werking verhinderen keerkleppen het terugstromen van vervuild water in het leidingnet. Het is dus zaak dat ze goed blijven functioneren. Om dit zeker te stellen moet u de keerkleppen jaarlijks laten controleren. De waterleidingbedrijven checken meer en meer of u uw verantwoording hierin heeft genomen.

Smeba-Fire kan in het kader van legionellapreventie jaarlijks, gelijktijdig met het haspelonderhoud, voor u de keerkleppen op de brandslanghaspel controleren. Hierbij voorziet onze specialist de keerklep van een onderhoudsetiket en legt hij de bevindingen vast in het logboek. Makkelijk, veilig en voordelig.

Wetgeving keerkleppen

De waterkwaliteit binnen leidingwaterinstallaties moet met het oog op de volksgezondheid gewaarborgd  zijn. Het Bouwbesluit en de Waterleidingwet geven u als eigenaar  en/of beheerder, een zorgplicht voor de leidingwaterinstallaties in uw gebouw. Invulling van deze zorgplicht is vastgelegd in de normen NEN 1006 en WB-1-4-G

Bronnen: www.rivm.nlwww.legionella.nl en www.nen.nl

Koninklijk Besluit betreft brandpreventie op arbeidsplaatsen.

In de publicatie van het Belgische Koninklijk Besluit van 23 april 2014 wordt in artikel 23 aangegeven dat het jaarlijks onderhouden van beschermingsmiddelen tegen brand volgens de wet verplicht gesteld is. Tot voor kort was de mate van aanwezigheid van de brandveiligheidsproducten en het onderhoud ervan slechts uiterst beperkt bepaald in Artikel 52 van het ARAB (Algemeen reglement voor de arbeidsbescherming). Artikel 52 van het ARAB wordt hierbij vervangen door artikel 23 van het Koninklijk Besluit.

Fabrikanten van brandbeveiligingsapparatuur adviseerden al sinds jaar en dag jaarlijks onderhoud om de goede werking te garanderen in geval van brand. Met de komst van het nieuwe Koninklijk Besluit is nu ook wettelijk bepaald dat de werkgever verplicht is zijn beschermingsmiddelen tegen brand tenminste één keer per jaar te controleren en onderhouden overeenkomstig de voorschriften van de fabrikant of de installateur.

Ook de Belgische onderhoudsnorm NBN S-21 050 (Norm voor het onderhoud en hervullen van draagbare snelblussers) doet een aanbeveling over jaarlijks onderhoud.

Klik hier voor het gehele bericht.